Nee, doe het niet. Sla de filmpjes niet over. Traditiegetrouw is de onnodige hightech-instructievideopulp gewoon van de partij, maar
Call of Duty Black Ops legt tussendoor als eerste in de reeds zeven delen tellende oorlogsserie een indrukwekkend verhaal aan het voetlicht. Een eetlepel gratis cornflakes voor degene die dat zag aankomen.
In de introvideo spreekt een vrouwenmond een reeks cijfers in. Overal waar je kijkt en hoort zijn die cijfers. Wen er maar vast aan. Hup, naar het volgende shot.
Je bent vastgebonden in een stoel en wordt onderworpen aan een verhoor. Het houdt verband met de cijfers. Aan het einde van de rit vallen alle puzzelstukjes op hun plaats en evenzo waarschijnlijk valt je mond open van verbazing. Tot die tijd zijn de verhalen die je vertelt de missies; vlekkeloos gemonteerd in het verhoor en afgewisseld met plotselinge video’s, in een flitstempo waar een MTV-muziekclip een puntje aan kan zuigen.
Het vorige deel,
Call of Duty Modern Warfare 2, was in alles al volmaakt. Behalve op dit punt. Het verhaal is de redding van het deel dat overbodig had kunnen zijn.
Want: aan de formule is sinds deel drie niet meer geschaafd. Het is het equivalent van de mijnkarretjesrit uit Nintendo 64-games van tien jaar geleden, waar je doorheen zoefde op de aangegeven rails en af en toe een tegenstander van je af sloeg. ‘Deze groep soldaten moet je nu uitschakelen’, ‘met dit wapen sloop je de tank daar’. Nu is er zelfs constant zichtbare gele pijl die je altijd de weg wijst. Een optie om die uit te schakelen was best welkom geweest. De vrijheid van de speler beperkt zich tot het muurtje waar die achter schuilt.
Maar dat maakt niet uit. Meer dan ooit wordt een blik gevarieerde oorlogsdecors opengetrokken - en of je nou ronddobbert in Vietnam onder de muziek van Rolling Stones’ Sympathy for the Devil, de laatste Nazi’s uitschakelt bij een ondergesneeuwde boot in Rusland of ontsnapt uit een werkkamp: alle actie in Black Ops is sensationeel. Overal wordt geschreeuwd, geschoten, gedood. Ja, het spel is extreem gewelddadig, maar er wordt belééfd.
Frappant genoeg hoeft een Call of Duty helemaal niet gekocht te worden voor de eenspeler-ervaring. Voor een deel van de 5,6 miljoen kopers in de eerste vijf dagen (!) zal het een extra zijn. Troefkaart is de multiplayer, waarin nog altijd het behoudende maar goede aantal van zestien spelers het tegen elkaar opnemen in de meest hectische actie die online te vinden is. Een uitgebreid puntensysteem beloont nog steeds voor schoten door het hoofd en zet nog steeds de deur open naar nieuwe wapenuitbreidingen en specialiteiten. Maar er is een handvol nieuwe modi en ditmaal mag je gelukkig ook weer een vriend meeslepen naar het online slagveld. Om de een of andere redenen verschilt dat per deel. Offline kunnen ook vier spelers op één spelcomputer elkaar bevechten.
En oh ja, dan is er nog iets. Na het afronden van het verhaal motiveert een knauwende Amerikaanse ex-president John F. Kennedy, ja, heus waar, zijn tafelgenoten Fidel Castro, Richard Nixon en Robert McNamara het Pentagon te bewaken. Tegen zombies.
Zo begeeft Call of Duty zich toch buiten de gebaande paden. De publiciteitsschreeuw, want dat is het, had niet gehoeven. Black Ops is gewoon wéér in alles volmaakt. Lijkt het.
Call of Duty Black Ops, 18+, gespeeld op Xbox 360, ook voor PS3 en PC